Leven na de dood

In de geloofsbelijdenis bidden wij: “Ik geloof in de verrijzenis van het lichaam en het eeuwig leven”. Bidden wij dat alleen uit gewoonte of is het een uitdrukking van onze innigste hoop? In het evangelie van dit weekend wordt duidelijk gezegd dat het eeuwig leven bestaat: voor God zijn allen levend, ook wie in onze wereld gestorven zijn. God heeft de mens geschapen, wij zijn het werk van Zijn handen. Hij schreef onze namen in de palm van Zijn hand en veegt die nooit uit. Zijn Woord doet ons eeuwig leven in trouwe liefde. Wij kunnen niet bewijzen dat er een eeuwig leven is, net zo min als een opstandig uit de dood. Wij kunnen alleen in geloof aannemen dat de verrijzenis en het eeuwig leven er zijn. Dit geloof berust immers op de verrijzenis van Jezus uit de doden. Hij heeft tot ons gezegd: “Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven”. Jezus is gestorven en verrezen, dat geloven wij. Zalig zij die kunnen geloven in de verrijzenis! Want zonder dat geloof is alles zo zinloos en absurd…