Wie is mijn gast?

Gasten ontvangen. We doen dat graag. We zijn graag sociaal. Met een etentje erbij. We doen ons moeite om een goede indruk te maken, huisje schoongemaakt, opgeruimd. Meestal zal de gast op voorhand wel een afspraak gemaakt hebben. We komen niet graag ongelegen. En we gaan het ook eens terughalen. Zo blijven we bezig en kunnen wij op onze beurt gast zijn.
Toch is dit niet de echte gastvrijheid, hoe goed bedoeld ook. Echte gastvrijheid zet ook de deur wagenwijd open bij onverwacht bezoek. Zonder onderscheid. Ook als de gast vuile voeten heeft of niet meteen iets kan terugdoen. Om niet.
Dit kan ver gaan. Er is één voorwaarde: de gast mag geen misbruik van je maken. Je bent een waardig mens als je je grenzen blijft respecteren. Een christen mag ook vermanen en onderrichten.
Wie zeker nooit misbruik van ons zal maken is God zelf. Ook Hij komt onverwacht aankloppen. Soms herken je Hem pas achteraf. Hij heeft een boodschap voor jou mee.
Luister naar Hem, ga aan Zijn voeten zitten. Hij is zachtmoedig en wenst je vrede. Hem ontvangen is tegelijk thuiskomen. In jou, in mij, in de mensen om je heen. Hij brengt terug samen wat wij vaak onbewust verloren lieten gaan. Als een kamplied: “Vrienden, kom zit neder in de ronde. En genieten wij van deze stonde. Al te samen opgewekt en blij. Kom wat dichter, dichter, dichterbij.”