Ramadanfeest

Op 23 en 24 mei vieren de moskee-gemeenschappen het einde van de ramadan.
In het Genkse zijn het vooral de leden van het Abrahamshuis die al vele jaren bekommerd zijn om een interreligieus netwerk uit te bouwen. In een brief nodigen de gelovigen van het Abrahamshuis uit “om samen, als godsdiensten te zoeken naar antwoorden op de levensvragen van medemensen in deze moeilijke tijd”.
En zij roepen ook nu weer op om samen barmhartig te zijn voor onze medemensen, nu wij ons leefklimaat niet zo hoopvol maar eerder angstig ervaren.
Vorig jaar formuleerden de Groot – Imam en de Paus samen: “Gerechtigheid op basis van barmhartigheid is de weg naar een waardig leven. Wij zijn ervan overtuigd dat een rechtvaardigere wereld wenselijk en mogelijk is.”

Gij kent Hem

Met deze ‘Hem’ wordt de Heilige Geest bedoeld. Het is een woord van Jezus tot Zijn leerlingen. De leerlingen hebben een band met Jezus. En Jezus heeft een band met Zijn Vader. Zij zijn elkander trouw. Dit wordt uitgedrukt met het onderhouden van de geboden. Niet omdat het moet maar uit Liefde. Je doet je best voor van wie je houdt. Om de band te versterken na Jezus’ heengaan is een Helper nodig. Deze Helper blijft heel dichtbij en dit voor altijd. Het is echter niet gemakkelijk om die Helper toe te laten en je te laten leiden. Dat noemt men inspelen op genade. De geboden onderhouden is de Helper helpen met onze instemming en daden. Dat wij Hem kennen blijkt uit ons gedrag. Je zal zien dat christen zijn soms het verschil kan uitmaken. Daarvan getuigen vraagt moed. Maar ook al komt er tegenstand of onbegrip, door te getuigen vindt er toch altijd een zaadje goede grond. Wij leven van die hoop en zien uit naar het groeien van het zaad. Minzaam zorgen voor een goede groei en er naast blijven staan zoals de Geest bij ons, is ook christen zijn.

 

Erehaag voor mama

Waren mijn armen uitschuifbaar – zo van die telescopische palen – kwamen we niet toe: bijlange na niet lang genoeg om tot de hemel te reiken, te blijven staan tot morgenvroeg.
Van mijn handen zou ik kommen maken: grote diepe schalen die eindeloos werden gevuld met complimentjes als blinkende kralen.
Van die complimenten waar je nooit echt om vroeg; al zijn we supporters van dezelfde ploeg:
Jouw kind vanbinnen te doen stralen
is voor ons het hoogste doel
elk op zijn terrein
zo hebben we het meestal graag.
Vandaag daarentegen zit alleen jij op de erestoel, enkel jij mag daar zijn.
En wij? Vormen voor jou met onze armen een immense erehaag. 

(m.v.)

 

Sprakeloos

Met verstomming geslagen. Sprakeloos. Zo voel ik mij al enkele weken. Iets wat amper zichtbaar is, bijna ongrijpbaar, doet de wereld op zijn grondvesten daveren. Met een meedogenloze precisie worden al onze vanzelfsprekendheden afgebeitst tot op het blote hout. Alle vernislagen die we ooit hebben aangebracht moeten eraf. Geen ontkomen aan. Hier wordt aan het fundament van onze samenleving geraakt. Wat ik voel, kan ik niet onder woorden krijgen. En als ik er al vind, schieten ze schromelijk tekort. Ijl, futiel, oppervlakkig, nietszeggend. Wat ik om me heen zie of hoor lijkt mij vruchteloos gelal, dom gekakel, dronken gebral, gestamel. Wanhopig en tevergeefs blijf ik zoeken naar het juiste woord, strohalm om mij aan vast te klampen, om iets wat onzegbaar is tastbaar te maken, grijpbaar, beheersbaar. Ik vind alleen een beeld: dat van een diep bedroefde moeder die huilt om haar Zoon, geraakt tot in de kern van haar schoot. Zij hield het uit. Als dit beeld mijn enige woord is, laat dit dan mijn bidden zijn…

 

Weelderige tuin

Ochtendglorie.
Vogeltjes zingen hun deuntjes bij het stil ontwaken. De massief houten tuinbank geniet nu nog van de schaduw, ten volle overmeesterd door een mastodont van een treurwilg. Centraal gelegen kan ik al enige activiteit bespeuren in de sierlijke visvijver, de waterlelies drijven al dansend rond menige kikkers, ze houden zich scherp, in afwachting van een hapklare libelle.
Weelderige tuin.
Waar kleurrijke bodembedekkers zich moeiteloos een weg banen over de naakte bodem en vlijtige klimop voor camouflage zorgt, wat verder, ginder op.
Tuin vol weelde.
Waar menige overheersende geuren en kleuren mekaar kruisen en ontmoeten, waar de pure natuur nog zijn gang mag gaan en er eilandjes van rust ontstaan.
Weelderige tuin, waar hobby en hart mekaar ontmoeten.

Rosanna

God doen

Ik probeer even te mijmeren bij het evangelie van de 5de zondag na Pasen: “Jezus van Nazareth bemiddelde Gods goedheid”, zegt de bijbelse schrijver Johannes.
En dat kon Jezus omdat Hij heel diep, in de kern van Zijn bestaan, zich liet doordringen van Gods dynamiek van liefde.
In het spoor van Jezus van Nazareth hebben vele mensen ‘God gedaan’ door ook bezield en bekommerd in het leven te staan.
En dan kunnen we denken aan Damiaan maar ook aan de zovelen die nu samen bekommerd zijn om het corona-virus te neutraliseren en door samen met kwetsbare mensen te zoeken naar een nieuw, een leefbaar en goed perspectief.
De witte lakens aan de vensters waren en zijn een eenvoudige uitdrukking van dank.

 

Onderweg

“Ik reis onrustig en onzeker tussen de liefde en de leegte. Ik ben altijd onderweg.”, zingt een bekend cabaretier. Ik beluisterde het lied verschillende keren heel aandachtig en werd diep geraakt door het eigenlijke gebeuren van dit onderweg zijn in elk mensenleven. Want net deze pelgrimstocht biedt zo véél kansen door de vrije keuze die de Onnoembare ons schonk. Beseffen we wel dit immense cadeau? Van steeds mogen herbeginnen als we daartoe het besluit nemen? Bij iedere misstap, falen of tekortschieten in ons mens worden? En maken we hiervan gebruik? Of laten we bv. een crisis aan ons voorbijgaan, nemen we de benen bij een moeilijke confrontatie, gunnen we de ander geen nieuwe kans meer (’t is al de zo veelste keer dat …), hebben we nagelaten te bidden om Gods Kracht in moeilijke tijden? “Laat zien wat er in jouw hart omgaat en verberg het niet, opdat ik kan laten zien wat er in mijn hart omgaat en waartoe het in staat is.”, leert Rumi ons. Wij zijn Gods Akker. Hoor ik waartoe Mijn Bevrijder me oproept? Op weg gaan om ‘Levendiger’ te worden.

Mens worden

“Immer vooruit, dappere Belgen.” 

Omdat wij veel verwachten van aanzien, succes en materiële welstand, moet er ook enorm gepresteerd worden. Gewoon tevreden zijn kan daarom vandaag als het ware weggespoeld worden door allerlei vormen van grenzeloosheid. Vandaag mens mogen worden is daarom een hele opgave. 

Onze ware bestemming mogen ontdekken is o.a. zoeken naar zinvolheid. Het is werken aan onze identiteit. Dit zoeken is op zijn best als het kan en mag gebeuren in hartelijke verbondenheid, want wij, mensen, worden steeds aan elkaar toevertrouwd. Zo wordt wellicht ook vandaag Gods vrede tussen en in ons gebouwd.